Puur

De boerinnen zijn boos. Op Pascale Naessens. Zij zou geïnsinueerd hebben dat rundsvlees van hier groeihormonen bevat en dat je beter af bent met lamsvlees. De boerinnen met verstand ijveren om te koken met verstand, veeleer dan de puurheid van La Naessens te volgen. De ideale, positieve wereld van Pascale Naessens kreeg afgelopen weken wel wat klappen. Het leven is al eens wat minder puur.
Op sociale media zie je die leuke, ideale wereld evenzeer. Perfecte foto’s, perfecte ouders, perfecte kinderen, leuke uitstappen, perfect interieur, perfect gekleed, perfecte make-up, smakelijke gerechten die nooit mislukken. Een gestyled leven. Een ijskast met blauwe bessen, met granola en havermout op de ontbijttafel, een stijlvolle koffiemachine. Het lijkt wel een code. Van die perfectie geraak ik soms gefrustreerd. Mijn foto’s lukken vaker niet dan wel, ik ben een mama die moe is, en naast gezond doen eet ik al eens gebak en zeker een boterham, en mijn zoon zit vaak voor de computer in plaats van pedagogisch verantwoorde spelletjes te spelen, mijn interieur is ook al niet instagram-proof, en mijn keuken is geen toonzaal, maar een plaats waar gekookt wordt.
En toch: een positieve boodschap uitdragen vind ik best ok. Je wordt al zo vaak overstelpt met negatieve berichtgeving. Maar een eenzijdig positief beeld scheppen vind ik naïef. Veeleer ben ik voorstander van het leven zoals het is, van het leven te tonen, ook op sociale media, zoals het is. Puur, toch?

 

puur
Wil je mij volgen? Like dan zeker mijn facebook-pagina of volg mijn ietwat minder perfecte instagram-account.

Advertenties

Marsepein

Sinterklaas is altijd een beetje marsepein. Stilaan zie je bij de patissiers die kleurrijke, mooi gevormde figuurtjes in de etalages verschijnen. Behalve appels en de klassieke wortels fleuren allerhande creaties hun winkel. Marsepein heeft iets hemels.

Afgelopen zomer botsten we bij toeval op een marsepeinmuseum in Keszthely in Hongarije. De ontwerpen waren magistraal.
Jeno en Agnes Simonfal zijn marsepein-experten. Marsepein zit in hun DNA. Na twintig jaar in de patisserie gewerkt te hebben, beslissen ze in 1996 hun museum te openen en hun expertise te etaleren. Hun oom Karoly Szabo, afkomstig uit Hongarije, was één van de meest vermaarde patissiers en hun leermeerster. Hij had carrière gemaakt in Libanon en had zelf een marsepeinmuseum geopend toen hij naar Europa terugkeerde. Hij leerde zijn nichtje de stiel. Het resultaat zien we in Keszthely. Ik ben onder de indruk. Gebouwen, figuren, boeken, kastelen: alles staat er in marsepein.
Enkele dagen later treffen we nog een ander marsepeinmuseum bij een koffiebar in Szentendre. We bezoeken daar de ateliers waar er hard en precies gewerkt wordt aan de marsepein-creaties.
Marsepein boeit mij, niet alleen omdat het zo lekker is. Herinner je nog Rino en de patissier van Boulevard de Clichy in Parijs? Ook daar zag ik de mooiste ontwerpen van dat goedje.

Marsepein maken is niet eens zo moeilijk. Het belangrijkste zijn de amandelen, liefst van een uitstekende kwaliteit.

Wat heb je nodig?
80g amandelpoeder
120g bloemsuiker
20g water

Hoe ga je te werk?
Meng alle ingrediënten in een kom en kneed met de handen. Verpak de marsepein in plasticfolie en zet in de koelkast.
Water wordt al eens vervangen door eiwit. Ikzelf vind marsepein beter – minder vettig – met water.

Je kan uiteraard variëren met kleur door kleurstof (speciaal voor gebak) toe te voegen. Je kan ook kleine bolletjes vormen en ze doorheen cacaopoeder rollen. Mogelijkheden in overvloed. Ben je heel creatief? Waag je dan eens aan het maken van een roosje .

Succes!

20160808_121814
Creatie uit het marsepeinmuseum in Keszthely

 

20160810_164733
Atelier bij het marsepeinmuseum in Szentendre
20160810_164313
Creatie uit het marsepeinmuseum in Szentendre
20160206_152237
Etalage van de patissier langs de Boulevard de Clichy in Parijs

Wil je mij volgen? Like dan zeker mijn facebook-pagina

Appelgebak met kaneel

Gisteren ging ik op bezoek bij fruitkweker Bruneel-Cox in Pepingen. En ik zag er appels, veel soorten appels, en nog meer appels. Appels worden nu geplukt en dus het ideale moment om er mee aan de slag te gaan. Vandaag maak ik een traditioneel appelgebak met kaneel.

Wat heb je nodig?

  • 200 g boter
  • 200 g fijne suiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 4 eieren
  • 200 g zelfrijzend bakmeel
  • 4 appels
  • Kaneel
  • Abrikozenconfituur

Hoe ga je te werk?

Roer de fijne suiker en de vanillesuiker door de boter. Werk er één voor één de eieren door en vervolgens de bloem. Schil de appels. Snij de vruchten in partjes en bestrooi met wat kaneel en suiker. Verwarm de oven voor op 175°C. Schep het beslag in een beboterde vuurvaste taartvorm en duw er de appelpartjes in. Kwast de bovenkant van de taart in met abrikozenconfituur die u hebt losgeroerd met wat water. Laat de taart ongeveer 45 minuten bakken in het midden van de oven.

Tip: ik gebruikte Elstar appels. Ideaal van smaak om in gebak te verwerken.
Investeer ook in degelijke bakvormen voor een beter resultaat. In De kookboetiek heb je een ruim assortiment van bakbenodigdheden.

Meer info over fruitkweker Bruneel-Cox: http://www.bruneel-cox.be/

20161004_105254.jpg
Bezoek aan Bruneel-Cox in Pepingen

 

 

20161004_104955
Beeld uit de hoevewinkel van Bruneel-Cox
20161005_133417
En dan was het tijd om te bakken.
Knipsel.PNG
Appelgebak

Wil je mij volgen? Like dan zeker mijn facebook-pagina

Met rouwen ben je nooit klaar. Over De Stalkster van Mirjam Rotenstreich

Mijn moeder was een aantal weken gestorven en iemand vroeg mij of ik niet pathologisch rouwde. Reden was dat ik zomaar – nou ja, niet zomaar – in huilen uitbarstte. Ik wist niet waar ik het had. Een paar weken. De waarheid drong nog niet eens tot mij door. Nu, bijna zes jaar later, is die waarheid nog steeds moeilijk en het rouwen nog aan de gang. Ja, ik heb ook wel rouwboeken gelezen. Over de verschillende rouwfases waar je doorheen moet bijvoorbeeld. Maar rouwen doe je niet in fases, daar ben ik nu wel achter, rouwen geeft zich helemaal, alle fases ineens. En alles doe ik om mijn moeder in leven te houden: van onbruikbare fondue-borden sparen, tissues van een vliegmaatschappij koesteren, haar laatste Libelle eren, de plekken waar ze graag kwam intensief bezoeken, en praten, herinneringen ophalen, en denken, teveel denken. En huilen natuurlijk. Nog steeds zomaar. Rouwen: daar ben je nooit klaar mee.
Dat weet ook Mirjam Rotenstreich. Ze verloor haar zoon, haar kind, Tonio. Mirjam Rotenstreich is schrijfster en vrouw van Adri van der Heijden. Het zijn mensen waar ik van hou: zowel van hun werk als van hun warmte. ‘De stalkster’ is het nieuwe boek van Mirjam Rotenstreich. Een boek dat niet over Tonio gaat, dacht ze, tot haar redacteur er haar op wees. Nu het boek enkele weken uit is en al heel wat lezers heeft, zullen er wel meer mensen haar daar op gewezen hebben. ‘De stalkster’ ademt Tonio. De roman gaat over het onmogelijke van afscheid nemen, over het panische in leven willen houden van je dierbaren. Elsemijn, een criminologe verloor haar vriend Binck. Op een heel doordachte en buitengewoon creatieve manier vindt ze een wijze om hem in leven te houden. Een pathologische manier, maar heel herkenbaar.
Ik zal de plot niet verklappen. Daar moet je echt het boek voor lezen. En dat is meer dan de moeite waard. Mirjam Rotenstreich neemt je mee in een verhaal dat je niet meer loslaat.
‘De stalkster’ is voor mij toch wel een memorabel boek, dat ik om verschillende redenen zal koesteren.

‘De stalkster’ van Mirjam Rotenstreich is uitgegeven bij De Geus en kost 19,95 euro.

Wil je mij volgen? Like dan zeker mijn facebook-pagina

knipsel